‘t Mannetje

‘t Mannetje

Hij loopt er elke dag, maar ik weet niet waarom. Klokslag half tien hoor ik zijn voetstappen over de houten steiger.
steigerklein
Tik, tak, tik, tak. Hij loopt ongelijk. En ik weet niet waarom. Hij heeft altijd een sjekkie in zijn mond. En een klein mannentasje om zijn pols. Zo eentje uit de jaren tachtig. Toen hadden alle mannen ineens een polstasje. Zwart of bruin. Meer kleuren had je niet. En hij, ‘t mannetje, heeft hem nog steeds.
Wat zou daarin zitten? Zeker een pakkie shag. Van Nelle of Samson met vloetjes van Rizla. En vuur. Vast een aansteker. Zo praktisch is hij wel. En sleutels van zijn auto. Dat moet wel, want je komt hier niet naar toe op de fiets. Dat doe je niet. Dat haal je niet.

Van ver weg dus. Ik denk uit Amsterdam. Of zou het Hilversum zijn? Nee ik geloof wel Amsterdam Noord. Waarom? Tja gewoon zijn kleding. Heel gewoontjes. Nooit iets opvallends aan. Altijd donkere kleuren. En vrijwel altijd hetzelfde. Een jack, broek en een trui eronder. Ja een trui. Want hij komt altijd. Dus ook ‘s winters als het heel koud is. En de andere boten bijna allemaal op het droge liggen. Dan komt toch ‘t mannetje. Mijn mannetje. Om klokslag half tien.

In het begin, ik woonde hier maar net, had ik het nog niet door. Omdat ik zelf vaak nog aan het werk was. Dan ben je dus weg om half tien. Maar nu dat niet meer zo is zie ik hem steeds. En sinds vorige week vraag ik mij af; ” Waarom komt hij elke dag?”
Want varen doet hij niet. In het geheel niet. Dat is zo opvallend. Ik heb hem nog nooit zien varen. En ook niet vissen. Nee zelfs dat niet. Terwijl het hier vol zit met lekkere vis. Dus daarom hou ik hem nu in de gaten. Ik ben nieuwsgierig. Wat beweegt mijn mannetje om elke dag maar weer naar die boot te gaan?

Hij komt, loopt om de boot heen, stapt erop en opent de rits van de dektent. Dan gaat, geheel achteloos, een knijper op de rits. Zeker om hem vast te houden. Die glijdt anders waarschijnlijk terug. En daarna rommelt hij wat en gaat vervolgens naar beneden. Dan verlies ik hem uit het oog. En dat duurt lang, heel lang. Tot hij soms naar boven komt voor een sjekkie. Als het mooi weer is dan. Hij heeft een grote, witte plastic stoel en daar zit hij dan op. En zuigt langzaam aan zijn sjekkie. En verder leest hij soms een blaadje. Ik denk een blaadje over boten, maar zeker weten doe ik het niet.

Om half vijf gaat hij weer weg. Hij sluit de rits en loopt weer met een sjekkie in zijn mond de hele steiger af. En hij kijkt nooit mijn kant op. Terwijl dat best zou kunnen. Mijn woonboot heeft veel glas. Dus hij ziet mij makkelijk zitten. Of staan. Maar hij kijkt niet. ‘t Mannetje kijkt alleen naar de andere boten. Of naar de steiger. En zuigt weer langzaam aan een sjekkie in zijn mond.

Vanmorgen was hij er weer. En alles ging weer zoals altijd. Maar ook bij mij. Ik ging om 10 uur boodschappen doen. Onderweg naar mijn auto kwam ik de havenmeester tegen.  Goedemorgen, roept hij altijd vrolijk lachend. Hoe gaat ‘t leven nu?  Het gaat goed Karel en met jou? roep ik terug.  Prima, antwoord hij zoals gewoonlijk.

En dan durf ik het hem plotsklaps te vragen. Karel hoe zit het met dat mannetje? Die van de grote, hoge witte boot? Ja, zegt Karel, wat is er mee? Nou ik wil eigenlijk weten …. waarom komt hij elke dag? Oh, zegt Karel. Hij is werkeloos sinds 2008. En dat vindt hij moeilijk. Zijn vrouw weet het nog altijd niet. En daarom komt hij elke werkdag op vaste tijden naar zijn boot en gaat hij ook op vaste tijden weg.
Oh is dat het,
zeg ik tegen Karel en stap daarna in mijn auto.

Wat ben ik blij dat ik het weet. Van ‘t mannetje. En dat ik het snap. Want ik werk ook niet meer. Maar gelukkig mag mijn man het wel weten. Dat ik niet meer werk, maar verhalen schrijf. Voor mijn plezier. Op de boot.

 

Zeven dagen zonder suiker

Heb jij het wel eens geprobeerd? Zonder suiker? Nee ik bedoel niet alleen koffie en thee zonder suiker, maar alles zonder suiker.

Geen pindakaas. Geen jam. Geen chocolade. Maar ook geen potjes kant-en-klare saus met suiker. Geen magnetron maaltijden met toegevoegde suikers. Echt helemaal geen suiker.


Ik ben al ZEVEN dagen suikervrij. En dat geheel vrijwillig. Of dacht je soms dat ik diabetes had? Nee. Zeker niet. Maar ik wil het ook niet krijgen.

Waarom dan wel zonder suiker? 

Een begrijpelijke vraag. Het antwoord is iets lastiger. Laat ik het eens proberen. Ah, ik wil mijn zelfdiscipline testen. Dat is waar. Helemaal. Maar daar had ik ook iets anders voor kunnen kiezen.

Hardlopen of zo. Elke dag. Wel 5 kilometer. Maar dat mag ik niet. Mijn achillespees is pas weer hersteld van een lange periode te veel, te hard en te vaak rennen. Dus die discipline-test mag ik niet doen.

Maar roken dan? Doe ik niet. Makkie dus. En alcohol? Is voor mij ook geen kunst. Een goed glas wijn is heerlijk, maar ik kan zonder moeite zonder.

Dus dan maar suiker. Om mijn zelfdiscipline te testen. Maar ja ik ben een enorme zoetekauw. Met dank aan mijn lieve moeder. Die bakte zo vaak koekjes, cakes en appeltaarten. Nog lang voor de cupcakes zijn entree deden. En natuurlijk de traditionele paastaart. Een vogelnestje met veel chocolade, Remia vet, veel suiker, eieren en lange vingers. Ook met suiker. Heerlijk dus. Vooral als ik alle schalen en pannen mocht aflikken voor we samen de afwas deden.

Geen suiker meer dus. En dat al zeven dagen. En schrijven over suiker mag lekker wel! 

Maar waarom nog meer zonder suiker vraag jij je af… 

Omdat het toch heel slecht is voor mijn lijf, denk ik. En omdat ik wel eens wil meemaken hoe ik me voel zonder suiker. Heb ik het echt wel nodig? Voegt het iets toe aan mijn dag? Mijn beleving? Mijn – ik durf het haast niet te schrijven – ben ik echt gelukkig vandaag gevoel?

Dat zal ik je nu maar verklappen. Tot nog toe mis ik niets. Hoera! En mijn eerste week is al voorbij. Hoera! Alle dagen van de week zijn gepasseerd en nog steeds heb ik geen suiker gegeten.
En wat is het verschil? 

Mijn smaakvermogen gaat vooruit. Ik proef veel meer van het eten dat ik klaar maak. Ik kies ook weer bewust wat er naar binnen gaat. En ik kan zelfs mijn dochter een stukje chocola van de maître patissier uit Frankrijk zien eten zonder zelf te watertanden.

Dus toch een feestje. Een HELE week geen suiker. Hoera. 

En dan is er morgen Koningsdag. Amsterdam in, zoals vroeger. Maar please laat er iemand zijn die koekjes of cakes bakt zonder suiker.

Dan kan ik ook héél even meegenieten van Alex’s eerste Koningsdag.

oranje-cupcake_klein

Uit de oude doos

Heb jij ooit wel eens ophef veroorzaakt met ‘t schrijven van een kritisch stuk?

Iets gedaan waar je daarna op aangevallen werd?

En roept dat jaren later nog emoties bij je op?

Vast wel. Ik zeker. Lees maar.

Bij het opruimen van mijn oude papieren kwam ik een mapje met al mijn arbeidsovereenkomsten tegen. Daarin zat ook het 1e nummer van het personeelsblad ” KnowHow?! ” van Bureau Jeugdzorg Amsterdam. Op de laatste pagina lees ik de introductie van de rubriek ” Posttaal ” .

” Posttaal is de opinierubriek van KnowHow?! In deze rubriek kunnen medewerkers hun visie verwoorden over een thema dat met het werk van Bureau Jeugdzorg Amsterdam heeft te maken. Ook reacties op eerder verschenen bijdragen zijn van harte welkom. etc..”

En daaronder vind ik het artikel dat wellicht behoort tot het meest besproken artikel uit de historie van dit personeelsblad. De schrijver daarvan was ik.

Wat was nou het geval? 

Het was eind jaren negentig van de vorige eeuw. Het digitale tijdperk stond op ‘t punt van uitbarsten. Mail, digitale agenda’s e.d. waren er nog niet bij Bureau Jeugdzorg Amsterdam. Bij BJA was er wel de ene na de andere fusie, reorganisatie en herindeling van teams en locaties.

Wat er ook heel normaal was, was te laat komen en te laat spullen aanleveren. Op vergaderingen, vóór vergaderingen en zelfs bureaudiensten die niet op tijd aan de telefoon zaten. En dat was een onderwerp waar maar moeilijk over te praten viel.

Aan beiden heb ik een hartgrondige hekel. Je verspilt met te laat komen tijd van anderen die op jou zitten te wachten. Of je benadeelt mensen die materiaal van jou nodig hebben. En niet praten over een gevoelig onderwerp lost niets op.

Ik was stafmedewerker Administratieve Organisatie en zag veel van dit betreurenswaardige gedrag van medewerkers in alle lagen van de organisatie.

Toen ik door Olaf Stomp, de communicatiemedewerker, gevraagd werd om het eerste artikel in de rubriek Posttaal te schrijven greep ik mijn kans.

Lees hier het artikel.
Artikel „ Klok kijken? ”

En de reacties?

De directie ontving een pittige brief van drie teams van de gezinsvoogdij. Daarin werd maar liefst gevraagd of het artikel én hun brief aanleiding zou kunnen zijn om stappen tegen mij en mijn uitingen te ondernemen. De teams waren ” not amused ” en verweerden zich bij de directie, maar niet in het blad KnowHow!?. Mijn ontslag was wel op zijn plaats klonk er in de wandelgangen.

RAAK, zou mijn moeder gezegd hebben, en blijkbaar ernstig op hun teentjes getrapt. Als je niet schuldig bent, dan glijdt zo iets langs je heen. Maar nog erger de teams begrepen de functie van de rubriek Posttaal niet. Een brief op hoge poten aan de directie was niet de bedoeling van de initiatiefnemer van de personeelskrant en de rubriek. Kritische geluiden en aansluitend de discussie was wel het doel.

Gelukkig was er één medewerkster die in de volgende editie een leuk antwoord publiceerde, waarin gewezen werd op de werkdruk en het te laat komen niet werd ontkend.  En dat was juist de bedoeling van dit personeelsplatform.

Toen de rookwolken waren opgetrokken werd ” te laat komen ” wel bespreekbaar en zichtbaarder in deze organisatie. Lees maar.

 Twee weken na alle ophef zat ik in een enorm belangrijke vergadering met alle stafmedewerkers, teamleiders en regiomanagers naast de adjunct-directeur. 10 minuten na aanvang van de vergadering kwam de directeur Yolanda Weldering binnen. 

” Oh ” zei Joop en keek mij begripvol aan, ” Dus dat is wat je bedoelt met je
Klok kijken artikel.  Zelfs de directie doet het…   Moeten we toch maar eens wat aan doen.”

Ja Joop. En dat was precies waarom ik toen al graag stukjes schreef!

Lancering Website 1.0

koeien4

Hoera mijn website is klaar.

Na vele wijzigingen in mijn tekst staat nu versie 1.0 online.
Dat is echt heel erg spannend!

Vind je de tekst leesbaar? Begrijp je mijn aanbod?
Zou jij mijn hulp inschakelen als je ondernemer was?

Ik ben zooooo nieuwsgierig wat jij als lezer van mijn teksten vindt.
Stuur je mij wat commentaar?

Naar Fleur [at]  Fleurvoorteksten.nl dan krijg je zeker antwoord.
En vergeet ik jouw tekst nooit meer!

Een vrolijke groet.

Fleurlogoklein

Tweet met Fleur